Beleidsbundel

Z020 Vergoedingenarrangement cassatiezaken Wvggz en Wzd

Wet- en regelgeving

Beleidsregel van de Raad voor Rechtsbijstand over een vergoedingenarrangement in cassatiezaken op het terrein van de Wvggz en Wzd 2026–2028

Inschrijvingsvoorwaarden

De rechtsbijstandverlener moet met de Raad het Vergoedingenarrangement cassatiezaken op het terrein van de Wet verplichte GGZ en Wet Zorg en Dwang hebben afgesloten.

Toevoegbeleid

Inhoudelijke beoordeling

Voor de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag voor cassatie Wvggz of Wzd geldt het beleid zoals is vastgelegd in de beleidsregel Z020 Psychiatrisch patiëntenrecht (Wvggz/Wzd).

Financiële beoordeling

Valt de aanvraag toevoeging binnen het arrangement, dan is de rechtsbijstand kosteloos. Je voert geen draagkrachttoets uit en vraagt geen eigen verklaring vrijheidsbeneming op. De eigen bijdrage stel je op nihil (G).

Neemt de advocaat geen deel aan het arrangement, dan beoordeel je de draagkracht op de gebruikelijke wijze.

Vaststelbeleid

Je stelt de vergoeding met een SA-berekening als volgt vast:

Cassatie advies

Voor het uitbrengen van cassatieadvies stel je een vergoeding van 5 punten vast.

Dit is ongeacht of de zaak in eerste aanleg door een meervoudige of enkelvoudige kamer is behandeld.

Is sprake van meerdere cassatiezaken dan kan artikel 29 lid 4 Bvr
van toepassing zijn.

Procedure

Voor het aanhangig maken van een zaak bij de Hoge Raad stel je een vergoeding van 11 punten vast. Dit is ongeacht of:

  • de zaak in eerste aanleg door een meervoudige of enkelvoudige kamer is behandeld;
  • middelen of geen middelen zijn ingediend.

Neemt de advocaat geen deel aan het arrangement, dan stel je de vergoeding op de gebruikelijke wijze vast.

Extra uren

Voor het bepalen van de extra urengrens gelden de forfaitaire grenzen zoals vastgelegd in de beleidsregel Z020 Psychiatrisch patiëntenrecht (Wvggz/Wzd).

Overgangsrecht

Voor het toevoegbeleid geldt begunstigend beleid. Het recht op kosteloze rechtsbijstand is met terugwerkende kracht van toepassing en geldt voor toevoegingen die zijn aangevraagd op of na 1 april 2020.

De vergoeding op grond van het arrangement kent geen terugwerkende kracht en is van toepassing op declaraties die zijn ingediend op of na 16 april 2021.

Op deze pagina