Beleidsbundel
Internationale instanties
Doel
Deze beleidsregel bevat het beleid over aanvragen van een toevoeging met betrekking tot Internationale instanties.
Kader
De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).
Beleidsregel
Nederlandse rechtssfeer
Toevoeging is alleen mogelijk als er sprake is van een geschil dat binnen de Nederlandse rechtssfeer ligt.
Toelichting: Zie beleidsregel 3.2 Nederlandse rechtssfeer.
De Raad verstrekt alleen een toevoeging als er naar aanleiding van een procedure die in Nederland is gevoerd, sprake is van een internationale rechtsgang over schending (violation) van een Verdrag door de Nederlandse Staat. Voor klachten tegen andere landen dan Nederland wordt niet toegevoegd.
1. Rechtsgangen bij de Raad van Europa
De Raad kan ten hoogste één toevoeging verstrekken voor klachtprocedures in verband met internationaal klachtrecht, als het hetzelfde rechtsbelang betreft.
Toelichting: Die toevoeging omvat alle ingediende klachten (bij meerdere internationale klachtinstanties) en geldt tevens voor het indienen van voorlopige maatregelen (interim measures) en/of een intern appel in het kader van die klachten.
Het is aan de rechtsbijstandverlener om een keuze te maken bij welke instantie het betreffende rechtsbelang behandeld wordt.
Hierna wordt beschreven in welke gevallen de Raad een toevoeging kan verstrekken.
1.1. Europees Hof voor de Rechten van de Mens te Straatsburg (EHRM)
Voor een rechtsgang bij het EHRM kan de Raad een toevoeging verstrekken als wordt voldaan aan de ontvankelijkheidsvereisten van de ingediende klacht bij het EHRM.
Toelichting: Rechtsgang EHRM, ontvankelijkheidsvereisten
- Het betreft een klacht over een van de rechten opgenomen in het EVRM of de Protocollen. De advocaat dient bij het EHRM te motiveren over welke bepalingen de klacht gaat en of de klager als slachtoffer van een schending wordt aangemerkt;
- Het betreft een handeling of een nalaten of besluit dat werd genomen of plaatsvond nadat de staat waartegen geklaagd wordt, partij werd bij het EVRM en het facultatieve protocol;
- De klacht betreft een besluit, handeling of nalaten van een publieke instantie of functionaris of van een private partij wiens handeling aan de Staat kan worden toegerekend;
- De handeling, het besluit of het nalaten gaat rechtzoekende direct aan (slachtoffervereiste);
- De Nederlandse rechtsmiddelen in deze zaak zijn uitgeput, u heeft de verdragsrechtelijke rechten inhoudelijk aan de orde gesteld én u beschikt over het gehele nationale procesdossier. Geef aan welke nationale instanties uitspraak hebben gedaan over deze zaak;
- De laatste uitspraak is niet langer dan 4 maanden geleden. Wanneer is de laatste uitspraak van een Nederlandse rechter in deze zaak gedaan?
- Al bij de nationale rechter is inhoudelijk een beroep op bepalingen van het EVRM gedaan. Geef aan waar dat uit blijkt;
- Bij de indiening van de klacht is het door de Griffie van het Hof voorgeschreven formulier gebruikt;
- Het is geen bagatelklacht: in ieder geval meer dan uitsluitende financieel belang;
- Er zijn geen klachten gelijktijdig of eerder ingediend bij één van de Comité’s in Geneve over hetzelfde voor dezelfde rechtzoekende.
Aanvullend bij Interim Measures (Rule 39):
- Rechtzoekende wordt binnen afzienbare tijd uitgezet én heeft dan geen mogelijkheid meer om de ingediende klacht aan te vechten.
Als het Europese Hof een vergoeding heeft verleend voor de kosten van rechtsbijstand, trek je de toevoeging in op grond van artikel 34g lid 1 sub a Wrb. De advocaat dient dit aan te geven bij declaratie van de toevoeging.
1.2. Europees Comité voor Sociale Rechten (ESCR) (geen toevoeging)
De Raad verstrekt geen toevoeging voor het indienen van een klacht bij het ECSR.
Toelichting: De klager heeft geen rechtstreeks en individueel belang, hij kan een dergelijke procedure niet zelf starten.
Gebruikersinstructie: Je wijst de aanvraag af met de volgende tekst:
‘U heeft een aanvraag ingediend voor een bijdrage in de advocaatkosten. De Raad wijst uw aanvraag af. U heeft geen rechtstreeks en individueel belang bij de te voeren procedure. (art. 1 Wrb, art. 1 Brt)’.
2. Rechtsgangen bij instanties van de Europese Unie (EU)
2.1. Europese Commissie, Brussel (geen toevoeging)
De Raad verstrekt geen toevoeging voor het indienen van een klacht bij de Europese Commissie. Ook niet aan een rechtzoekende/organisatie die namens een groep klagers om toevoeging verzoekt.
Toelichting: Het rechtsbelang gaat de klager niet rechtstreeks en individueel aan. Het betreft een afgeleid belang. De procedure richt zich meer op wetgeving, dan op een individueel rechtsbelang. Jurisprudentie groep klagers: rechtbank Amsterdam, 8 april 2013, Awb 12/2938.
Gebruikersinstructie: Je wijst de aanvraag af met de volgende tekst:
‘U heeft een aanvraag ingediend voor een bijdrage in de advocaatkosten. De Raad wijst uw aanvraag af. U heeft geen rechtstreeks en individueel belang bij de te voeren procedure. (art. 1 Wrb, art. 1 Brt)’.
2.2. Europees Hof van Justitie (European Court of Justice (ECJ))
Voor procedures bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg geldt het volgende beleid.
2.2.1. Inbreukprocedure (geen toevoeging)
De Raad verstrekt geen toevoeging voor het begeleiden bij een inbreukprocedure. Ook niet aan een rechtzoekende/organisatie die namens een groep klagers om toevoeging verzoekt.
Toelichting: De klager heeft geen rechtstreeks en individueel belang, hij kan een dergelijke procedure niet zelf starten. De uitspraak van het Hof heeft geen individuele directe werking.
Gebruikersinstructie: Je wijst de aanvraag af met de volgende tekst:
‘U heeft een aanvraag ingediend voor een bijdrage in de advocaatkosten. De Raad wijst uw aanvraag af. U heeft geen rechtstreeks en individueel belang bij de te voeren procedure. (Art. 1 Wrb, art. 1 Brt)’.
2.2.2. Prejudiciële vragen (bereik hoofdzaak)
De Raad verstrekt geen toevoeging voor de prejudiciële procedure bij het Europees Hof van Justitie.
Toelichting: Dit betreft hetzelfde rechtsbelang als de hoofdzaak. Een rechtzoekende kan zelf geen prejudiciële vragen voorleggen. Het rechtscollege waar zijn zaak dient doet tussenuitspraak waarin de prejudiciële vragen geformuleerd worden en vervolgens voorgelegd worden aan het Europees Hof van Justitie.
De juridische bijstand die de advocaat voor rechtzoekende kan verrichten is beperkt tot het indienen van stukken en het aanwezig zijn bij een eventuele mondelinge behandeling.
2.2.3. Direct beroep (geen toevoeging, tenzij)
De Raad verstrekt geen toevoeging voor beroep bij het Europese Hof van Justitie, tenzij er sprake is van een aantoonbaar en rechtstreeks individueel belang.
Gebruikersinstructie: Je wijst de aanvraag af met de volgende tekst:
‘U heeft een aanvraag ingediend voor een bijdrage in de advocaatkosten. De Raad wijst uw aanvraag af. U heeft geen rechtstreeks en individueel belang bij de te voeren procedure. (Art. 1 Wrb, art. 1 Brt)’
3. Europees Openbaar Ministerie
De Raad kan een toevoeging voor een verdachte verstrekken bij vervolging door het Europees Openbaar Ministerie (het EOM) - Europese Commissie.
4. Internationale klachtprocedures bij VN
Toelichting: Betreft toezichthoudende instanties onder VN-mensenrechtenverdragen (Geneve).
Als het klachtprotocol door Nederland is geratificeerd, dan kan de Raad voor een rechtsgang bij de VN een toevoeging verstrekken als wordt voldaan aan de ontvankelijkheidsvereisten van de ingediende klacht bij de VN.
Toelichting: Klachtprocedure VN, ontvankelijkheidsvereisten
- De klacht mag niet anoniem zijn;
- De klacht moet een handeling, een nalaten of een besluit betreffen van een publieke instantie of een ambtenaar;
- De handeling moet hebben plaatsgevonden nadat Nederland partij werd bij het verdrag;
- Slachtoffervereiste (rechtstreeks getroffen zijn door wetgeving); onder IVBPR kan ook dreigend slachtofferschap (uitzetting, foltering, lijfstraf);
- Kennelijk ongegrond: indien voldoende ondersteunend bewijs van de bewering is overgelegd; misbruik van klachtrecht: als al eerder een vergelijkbare klacht is ingediend met onvoldoende bewijs en weer een klacht wordt ingediend met onvoldoende bewijs;
- De nationale rechtsmiddelen moeten uitgeput zijn. Anders dan bij het EHRM geldt dit ook wanneer de nationale procedure onredelijk lang duurt;
- In de nationale procedure moet schending van het betreffende VN-Verdrag zijn gesteld;
- Er mag geen samenloop zijn met een klacht bij het EHRM of bij een ander VN-comité. Na afloop mag wel een klacht bij EHRM of ander VN-comité worden ingediend. Maar let op:
- EHRM/CAT/CEDAW: doen geen klacht als die al door andere internationale instantie is behandeld (tenzij niet-ontvankelijk door EHRM wegens overschrijden 6 maanden termijn, want dan is klacht niet behandeld);
- HRC/CERD: doen dat wel;
- Geen termijn voor indienen na klacht, maar hoe langer men wacht hoe minder kans van slagen (CERD heeft wel termijn van 6 maanden);
- Rechtspersonen zijn niet-ontvankelijk.
De Raad verstrekt geen toevoeging voor het indienen van een individuele klacht als het klachtprotocol nog niet door Nederland geratificeerd is
Toelichting: De uiteindelijke beslissing op de klacht heeft geen directe werking.
Andere relevante beleidsregels
Hieronder andere beleidsregels die relevant kunnen zijn.
Extra uren
Zie beleidsregel Eerste aanvraag extra Uren
Asielzaken
Zie Stroomschema asielzaken/internationale procedures (pdf)
Bereik
Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.
Toelichting:
Hetzelfde rechtsbelang, geen diversiteit van procedures
Werkzaamheden voor prejudiciële vragen bij het Europese Hof.
Voor bovengenoemde onderwerp verstrekt de Raad geen aparte toevoeging.