Beleidsbundel

Belastingrecht

Zaakcode: F010 - 9 punten
Trefwoorden: BelastingrechtAanvragen
Nummer: RvR4.2.4
Versie 4.0
Laatst gewijzigd:

Doel

Deze beleidsregel bevat het beleid over aanvragen van een toevoeging op het gebied van belastingzaken.

Kader

Algemene wet bestuursrecht (Awb)
Art. 8 lid 1 sub f Brt

De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).

Beleidsregel

Algemeen

De Raad kan een toevoeging verstrekken voor een geschil over belastingzaken.

Aangifte en bezwaarschrift (nee, tenzij)

De Raad verstrekt geen toevoeging als de aanvraag ziet op:

  • Het doen van belastingaangifte;
  • Het indienen van een bezwaarschrift in een belastingzaak, indien het bezwaar uitsluitend betrekking heeft op een geschil van feitelijke of rekenkundige aard (art. 8 lid 1 sub f Brt). Zo maakt samenloop van een belastinggeschil met een strafzaak een belastingzaak niet per definitie complex.
    Toelichting: Voorbeelden van samenloop belastinggeschil met een strafzaak:
    • Belastinggeschil met ontnemingsmaatregel Z230 en/of de strafzaak S040 (bijvoorbeeld hennepteelt);
    • Voorlopige aanslag na politieonderzoek in een strafzaak;
    • Fiscale geschillen over de uitkomst van het rapport van het Functioneel Parket dat wordt opgesteld in het kader van de strafzaak.;
  • Voor het vragen van kwijtschelding van een belastingschuld
  • Bezwaar tegen invorderingskosten dwangbevel (art. 7 Kostenwet Invordering Rijksbelastingen).

Uitzondering motiveren

De Raad kan toevoegen als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.

De aanvrager moet motiveren dat sprake is van een uitzonderingssituatie. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘Maatwerk’. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.

Voorbeelden van niet toevoegbare belangen

  1. Bij de aanvraag toevoeging wordt alleen gesteld dat er “beginselen” zijn geschonden (bijv. gelijkheidsbeginsel, algemene beginselen van behoorlijk bestuur, enz.) of dat jurisprudentie moet worden uitgezocht. De juridische complexiteit is met enkel deze stelling niet voldoende onderbouwd. Als advocaat gemotiveerd aangeeft waarom in dit geval sprake is van schending van een specifiek beginsel van behoorlijk bestuur kan de Raad een toevoeging verstrekken.
  2. Er is een ambtshalve- of voorlopige aanslag opgelegd, waarbij de Belastingdienst bijvoorbeeld te hoge inkomsten hanteert of geen rekening houdt met een kostenpost. Rechtzoekende wordt geacht zelf bezwaar te maken en de bewijsstukken te overleggen. Het bezwaarschrift wordt in dit soort zaken gelijk gesteld met het alsnog doen van aangifte.
  3. Er is een fout gemaakt in het optellen en/of aftrekken van bedragen in de berekening van de aanslag. Het geschil is feitelijk of rekenkundig van aard.
  4. Registratie BRP is onjuist. Het geschil is feitelijk van aard.
  5. Het indienen van een zienswijze c.q. bezwaar tegen een voornemen van de Belastingdienst om een aanslag/navorderingsaanslag/boete op te leggen.

Beroep belastingzaak (ja, tenzij)

De restrictie op het verstrekken van een toevoeging in een belastingzaak geldt alléén voor het bezwaar. Voor beroep in een belastingzaak kan de Raad toevoegen als aan alle overige voorwaarden is voldaan.

Bereik

Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel 3.8 Bereik, Hoofdstuk 1 en verder.

Op deze pagina