Beleidsbundel
Klachten overheidshandelen
Doel
Deze beleidsregel bevat het beleid over klachtprocedures inzake overheidshandelen.
Kader
Algemene wet bestuursrecht (Awb)
De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).
Beleidsregel
Algemeen
Klachten (nee, tenzij)
De Raad beoordeelt dat een klachtprocedure over overheidshandelen een eenvoudig rechtsprobleem is dat rechtzoekende, al dan niet met hulp, zelf kan worden afgehandeld.
Toelichting: Voorbeelden van klachtprocedures:
- Klacht Nationale Ombudsman
- Klacht politieoptreden (vordering van schadevergoeding na politieoptreden valt onder zaakcode O012)
- Klacht IND
- Klacht gezinsvoogd
- Internationale instanties (bijvoorbeeld klacht EHRM)
Uitzondering
De Raad kan een toevoeging verstrekken als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.
De aanvrager moet motiveren dat sprake is van een uitzonderingssituatie. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘Maatwerk’. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.
De aanvraag is niet voldoende onderbouwd als bij de aanvraag toevoeging alleen wordt gesteld dat er “beginselen” zijn geschonden (bijv. gelijkheidsbeginsel, algemene beginselen van behoorlijk bestuur) of dat jurisprudentie moet worden uitgezocht.
Andere relevante beleidsregels
Klacht discriminatie
Geschillencommissie
Internationale instanties
De Raad codeert klachtzaken bij internationale instanties (bijvoorbeeld klacht EHRM) op B060. Voor het toevoegbeleid, zie beleidsregel 1.4.2 Internationale Instanties.
Bereik
Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.