Beleidsbundel

Wet dwangsom

Trefwoorden: Bestuursrecht overigAanvragen
Nummer: RvR4.2.3.4
Versie 4.0
Laatst gewijzigd:

Doel

Deze beleidsregel bevat het beleid over aanvragen van een toevoeging die betrekking heeft op de Wet Dwangsom.

Kader

Algemene wet bestuursrecht (Awb)

De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).

Specialisatie

Voor toepassing van specialisatievereisten is de onderliggende zaak bepalend.

Voor uitzonderingen zie beleidsregel 3.3 Specialisatie advocaat/niet ingeschreven advocaat met bijlage.

Gebruikersinstructie: Als de rechtsbijstandverlener niet als specialist is ingeschreven wijs je de aanvraag af met tekstcode 182 (geen specialisatie).

Beleidsregel

Algemeen

De Raad codeert een aanvraag toevoeging altijd met de zaakcode van de hoofdzaak die eronder ligt.

Toelichting: Bijvoorbeeld C010, D070, V010, V042 enz. Het beleid van de betreffende zaakcode, zoals specialisatievereiste en bereik, is ook van toepassing

Ingebrekestelling (nee, tenzij)

De Raad beoordeelt dat het schriftelijk indienen van het verzoek tot dwangsom met een ingebrekestelling of klachtbrief een eenvoudig rechtsprobleem is dat rechtzoekende, al dan niet met hulp, zelf kan worden afgehandeld.

Uitzondering motiveren

De Raad kan toevoegen als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.

De aanvrager moet motiveren dat sprake is van een uitzonderingssituatie. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘Maatwerk’. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.

Bij feitelijke complexiteit verstrekt de Raad een LAT. Als de complexiteit dit rechtvaardigt, bijvoorbeeld ontkenning van termijnoverschrijding met niet feitelijke redenen, dan kan een reguliere toevoeging verstrekt worden.

Is er bij wijze van uitzondering voor de ingebrekestelling (advieswerkzaamheden) in het kader van de Wet dwangsom een LAT of reguliere toevoeging verstrekt, dan geldt deze toevoeging ook voor de daaropvolgende procedure. Dit kan zijn:

  • Direct beroep;
  • Bezwaarschriftprocedure, ingeval het bestuursorgaan ondertussen een inhoudelijke beslissing heeft genomen;
  • Bezwaarschriftprocedure tegen de hoogte/ weigering dwangsom.

Direct beroep (ja, tenzij)

De Raad beoordeelt dat voor het indienen van direct beroep een LAT wordt verstrekt. Bij inhoudelijke behandeling op een zitting of complexiteit verstrekt de Raad een reguliere toevoeging.

Toelichting: Direct beroep bij de rechtbank wordt in beginsel kennelijk afgedaan. De rechtbank hoeft slechts te toetsen of het bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist en de aanvrager daarvan niet op de hoogte heeft gebracht of dat het bestuursorgaan, na in gebreke te zijn gesteld, niet binnen twee weken alsnog heeft beslist. Dit geldt zowel voor een besluit op aanvraag als een besluit op bezwaar.

De rechtbank kan echter ook besluiten dat hij de beslissing op het inhoudelijke besluit doorverwijst naar de bezwarencommissie van het bestuursorgaan (artikel 6:20 lid 5 Awb). In dat geval zal de rechtbank zich dus verder alleen uitlaten over het niet tijdig beslissen en geldt het hier vorenstaande over dit onderwerp. Voor de bezwaarschriftprocedure tegen het inhoudelijke besluit kan een reguliere toevoeging worden verleend overeenkomstig huidig beleid. Een eventuele vervolgberoepsprocedure komt in aanmerking voor een nieuwe reguliere toevoeging, als deze nog niet is verleend.

Het is mogelijk om naast het directe beroep een voorlopige voorziening te vragen. Omdat het directe beroep in de regel vrij snel behandeld wordt, moet er wel iets aan de hand zijn om spoedeisendheid aan te tonen. Zijn er omstandigheden waaruit blijkt dat voor het directe beroep al een reguliere toevoeging moet worden verleend? Dan geldt voor de toevoegingsaanvraag voor de voorlopige voorziening de standaardregel: een separate procedure is een separate toevoeging. Zijn die omstandigheden niet toegelicht dan vragen wij die op.

Geschil hoogte dwangsom

Aanvragen voor bestuursrechtelijke procedures bij een geschil over de hoogte en executie van een dwangsom wijst de Raad af.

Toelichting: Op grond van jurisprudentie (zie ook ECLI:NL:RVS:2020:1152 en ECLI:NL:RVS:2020:2830) is bij een geschil over de hoogte en executie van de door de rechter vastgestelde dwangsom (8:55d Awb) alleen de burgerlijke rechter bevoegd.

Gebruikersinstructie: Gebruik tekstcode 188 (van elke grond ontbloot) als je de aanvraag afwijst.

Fictieve weigering

Aanvragen voor bezwaar of beroep fictieve weigering wijst de Raad af op grond van recente rechtspraak.

Toelichting: In Tekst en commentaar bij de Awb staat over de procedure bij het uitblijven van een beslissing van een zelfstandig bestuursorgaan vermeld: ‘Men sprak jaren geleden wel van de zogenaamde fictieve weigering, maar deze benaming is minder juist.’ We kunnen daarom stellen dat met de wet dwangsom de begrippen bezwaar of beroep fictieve weigering zijn komen te vervallen.

Gebruikersinstructie: Gebruik tekstcode 188 (van elke grond ontbloot) als je de aanvraag afwijst.

Bereik

Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.

Toelichting: Voorbeeld zelfde rechtsbelang, geen diversiteit van procedures

Er is een toevoeging verstrekt voor een bezwaarprocedure tegen de afwijzing van de studiefinanciering. Omdat op het bezwaar niet tijdig is beslist wordt om een dwangsom verzocht. DUO wijst dit verzoek af. Een bezwaar tegen de afwijzing van een verzoek dwangsom door DUO betreft hetzelfde rechtsbelang als het bezwaar tegen de afwijzing van de studiefinanciering.

Voor bovengenoemd onderwerp verstrekt de Raad geen aparte toevoeging.

Op deze pagina