Beleidsbundel
Beëindiging / intrekking
Doel
Deze beleidsregel bevat het beleid over het beeindigen of intrekken van de toevoeging.
Kader
Algemene wet bestuursrecht (Awb)
De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).
Beleidsregel
Beëindiging/intrekking vanwege onjuiste of onvolledige gegevens
Als de Raad bemerkt, bijvoorbeeld door een melding misbruik, dat de toevoeging is verstrekt op grond van onjuiste of onvolledige gegevens dan kan de Raad de toevoeging intrekken.
Blijkt bijvoorbeeld bij een verzoek peiljaarverlegging, dat de partner niet is opgegeven bij de aanvraag, dan behandelt de Raad dit als een mutatieverzoek. Daarna beoordeelt de Raad alsnog of peiljaarverlegging relevant is.
Beeindiging vanwege weigering medewerking/vertrouwensbreuk
De Raad kan op verzoek van de advocaat de toevoeging beëindigen als zijn cliënt weigert om de noodzakelijke medewerking aan de zaak te verlenen.
Als de Raad een dergelijk verzoek ontvangt gaat de Raad de rechtzoekende hierover ‘horen’.
Gebruikersinstructie: Je stuurt een voorgenomen beëindigingsbericht met tekstcode 263 (voornemen beëindiging vertrouwensbreuk) + ”U kunt desgewenst de toevoeging door een andere advocaat laten overnemen. Als u vragen heeft, neemt u dan telefonisch contact op met de Raad”.
Als de rechtzoekende niet reageert of als de reactie geen reden geeft om af te wijken van het voornemen, beëindigt de Raad de toevoeging.
Gebruikersinstructie: Je gebruikt hiervoor tekstcode 264 (beëindiging vertrouwensbreuk)
De werkzaamheden van de advocaat zijn declarabel tot het moment van beëindiging van de toevoeging.
Als de rechtzoekende het niet eens is met de beëindiging omdat hij naar een andere advocaat overstapt, dan beëindigt de Raad de toevoeging. Op een later moment kan de toevoeging worden overgenomen.
Na tussentijdse beëindiging van de toevoeging vanwege een vertrouwensbreuk houdt de advocaat een wachttermijn aan van drie maanden om te declareren, zodat de rechtzoekende de tijd heeft om een andere advocaat te benaderen.
Intrekking op verzoek van rechtzoekende
Het komt ook voor dat een rechtzoekende een verzoek indient om een toevoeging in te trekken. Dit is meestal gebaseerd op een vertrouwensbreuk of met het argument dat de advocaat toch niets voor de rechtzoekende doet of heeft gedaan. Of omdat de eigen bijdrage te hoog is of hoger dan besproken. Dit zijn geen redenen om de toevoeging zonder meer in te trekken.
Gebruikersinstructie: Je wijst het verzoek om intrekking af met de volgende tekst: "De Raad wijst het verzoek tot intrekking af. De advocaat kan verzoeken om wijziging van de toevoeging. Bij een klacht over de advocaat kunt u zich wenden tot het advocatenkantoor of de Deken van de Orde van Advocaten".
De rechtzoekende moet naar de advocaat om het probleem te bespreken en zo mogelijk de toevoeging door de advocaat te laten muteren. Komt men er niet uit, dan kan de rechtzoekende een klacht indienen bij het advocatenkantoor. Leidt dit niet tot een oplossing en de rechtzoekende is niet tevreden over de verleende rechtsbijstand, dan kan de rechtzoekende zich wenden tot de deken.
Geen toestemming aanvraag
Als rechtzoekende stelt geen toestemming te hebben verleend voor het aanvragen van een toevoeging dan neemt de Raad telefonisch contact op met de advocaat en informeert de Raad de advocaat over het verzoek van de rechtzoekende. Op grond van de informatie van de advocaat en het verzoek van de rechtzoekende besluit de Raad of de Raad de toevoeging al dan niet intrekt.
Gebruikersinstructie: Je maakt hiervan een telefoonnotitie in het dossier.
Voordat de Raad de toevoeging intrekt informeert de Raad de rechtzoekende over de mogelijke gevolgen van de intrekking, bijvoorbeeld een rekening van de advocaat als er al enige werkzaamheden zijn verricht.
Tussentijdse intrekking vanwege resultaat
De Raad beoordeelt het resultaat van de zaak ná definitieve afhandeling van de zaak. Verzoekt de rechtsbijstandverlener in MijnRvR namens de rechtzoekende om intrekking van de toevoeging vanwege behaald resultaat dat hoger is dan de norm, dan trekt de Raad de toevoeging in. De Raad vraagt geen stukken op waaruit het behaalde resultaat blijkt. De rechtsbijstandverlener kan niet zonder overeenstemming met de rechtzoekende een tussentijds verzoek indienen om de toevoeging in te trekken vanwege behaald resultaat.
Gebruikersinstructie: Je trekt de toevoeging in met de volgende tekst: ”Op verzoek van rechtzoekende wordt de toevoeging ingetrokken zonder dat het mogelijk behaalde resultaat is getoetst. Gevolg van de intrekking is dat de kosten van rechtsbijstand voor eigen rekening kunnen komen.”.
Beëindiging vanwege het niet betalen van de eigen bijdrage
De Raad kan op verzoek van de advocaat de toevoeging beëindigen als zijn cliënt de eigen bijdrage en overige kosten die voor zijn rekening komen, of een voorschot hierop, niet betaalt. Het verzoek tot tussentijdse beëindiging (art. 33 Wrb) moet tijdig worden gedaan, dat is binnen 3 maanden na oplegging van de eigen bijdrage én voordat de rechtsbijstand is beëindigd (art. 28 Bvr).
Bij het beoordelen van de driemaandentermijn gaat de Raad uit van een eerste periode van een maand om de rekening te voldoen en 2 maanden waarin kan worden aangemaand tot betaling.
Bij een verzoek tot beëindiging buiten deze driemaandentermijn beoordeelt de Raad of er redenen zijn waarom het verzoek niet eerder kon worden ingediend. Bijvoorbeeld omdat de rechtzoekende een betalingsregeling niet nakomt of omdat rechtzoekende in afwachting was van een besluit van de gemeente over vergoeding van de eigen bijdrage via bijzondere bijstand. In deze gevallen is het van belang dat door de advocaat aangetoond wordt dat er tijdig en adequaat is gesommeerd en daarbij de termijnen bewaakt zijn.
Voldoet het verzoek niet aan de genoemde criteria dan wijst de Raad het verzoek af.
Gebruikersinstructie: Je wijst af met tekstcode 346.
Een verzoek tot beëindiging bij declaratie vanwege niet betalen van de eigen bijdrage wordt door de Raad afgewezen. De advocaat kan de in artikel 38 lid 4 Wrb genoemde procedure volgen bij de president van de rechtbank van het arrondissement waarin de rechtsbijstandverlener is gevestigd. Op het verzoekschrift van de advocaat beslist de president van de rechtbank in de vorm van een voor executie vatbare beschikking (ECLI:NL:HR:2016:1514).
Inspanningsverplichting advocaat
De Raad toetst of de advocaat voldoende inspanningen heeft verricht om de eigen bijdrage te innen. Er is sprake van voldoende inspanning als advocaat kan aantonen minimaal twee keer te hebben aangemaand met ingebrekestelling en incasso-aanzegging.
Gevolgen beëindiging wegens niet betalen eigen bijdrage
Een beëindiging in verband met het niet betalen van de eigen bijdrage heeft twee effecten.
- Voor consequenties voor de vaststelling van de vergoeding, zie beleidsregel Art. 4 Bvr.
- De rechtzoekende kan voor hetzelfde rechtsbelang NIET meer worden toegevoegd.
Dit laatste maakt het extra belangrijk om de rechtzoekende hierover te ‘horen’.
Gebruikersinstructie: Dit horen doe je schriftelijk met de volgende tekst: “Uw advocaat heeft bij de Raad een aanvraag ingediend om de aan u verleende toevoeging tussentijds te beëindigen omdat u de eigen bijdrage niet (volledig) betaalt. De Raad overweegt de aanvraag in te willigen. Als de toevoeging is beëindigd mag de advocaat zijn werkzaamheden voor u beëindigen. U kunt dan geen rechtsbijstand meer verkrijgen voor het rechtsbelang waarvoor u was toegevoegd. Wij verzoeken u hier schriftelijk op te reageren voor de in deze brief genoemde termijn (art. 33 lid 1 sub c Wrb jo 4:8 jo 4:12 lid 2 sub c Awb).”
Als de rechtzoekende niet reageert of als de reactie geen reden geeft om af te wijken van het voornemen, beëindigt de Raad de toevoeging.
Gebruikersinstructie: Je gebruikt hiervoor tekstcode 266. Datum beëindiging is datum ondertekening mutatieaanvraag.
Als de rechtzoekende het niet eens is met de beëindiging en de aangegeven redenen geven aanleiding tot vragen, dan bel je de advocaat en overleg je met hem. De uitkomst van dit gesprek kan tweeledig zijn: of je beëindigt de toevoeging of je wijst het verzoek tot mutatie af, omdat partijen met elkaar doorgaan.
Als de rechtzoekende na het besluit tot tussentijdse beëindiging van de toevoeging alsnog de eigen bijdrage betaalt, kan de toevoeging herleven. De advocaat kan na betaling van de eigen bijdrage een verzoek tot mutatie toevoeging indienen.
Bij een reeds gedeclareerde toevoeging muteert de Raad tevens de vaststelling en brengt de eigen bijdrage alsnog in mindering. Na afloop van de werkzaamheden kan de advocaat aanvullend declareren.
Intrekking als reeds een toevoeging voor het rechtsbelang is verstrekt
Als de Raad na afgifte van de toevoeging bemerkt dat er voor hetzelfde rechtsbelang al een toevoeging was verstrekt, trekt de Raad de toevoeging in met een verwijzing naar de eerder afgegeven toevoeging. De Raad neemt hierover vooraf telefonisch contact op met de advocaat.
Toelichting: Het heeft voor de rechtzoekende als voordeel dat er een eigen bijdrage minder hoeft te worden betaald.
Beëindiging vanwege het overlijden van de rechtzoekende
Dit is niet geregeld in de Wrb. Het vloeit voort uit de definitie van rechtzoekende in artikel 1 Wrb.
Als de rechtzoekende tijdens de procedure cq voorafgaand aan het beëindigen van de werkzaamheden overlijdt, is er geen rechtstreeks belanghebbende meer. De advocaat meldt/belt de Raad met het bericht dat de cliënt is overleden. Vervolgens beëindigt de Raad de toevoeging op datum overlijden.
Gebruikersinstructie: Je gebruikt hiervoor de volgende tekst: “Deze toevoeging wordt met ingang van x [datum overlijden invullen] beëindigd in verband met het overlijden van de rechtzoekende.”
Als de advocaat voor de erven (niet zijnde de partner) verder wil gaan met de procedure moet daar een nieuwe toevoeging op naam van één van de erven worden aangevraagd. Deze wordt op eigen inkomen en vermogen getoetst en krijgt ook opnieuw een eigen bijdrage opgelegd.
Als de advocaat voor de partner (weduwnaar/weduwe) verder wil gaan met de procedure dan trekt de Raad de eerder afgegeven toevoeging op naam van de overledene in en verstrekt een nieuwe toevoeging met terugwerkende kracht op naam van de partner. De Raad legt daarbij dezelfde eigen bijdrage op met de gehuwdennorm.
Gebruikersinstructie: Dit houdt in dat je de overledene als partner registreert. Je vermeldt op het besluit dat de eigen bijdrage reeds eerder is voldaan en niet opnieuw hoeft te worden voldaan.
NB: Zorg er voor dat de post gericht aan rechtzoekende naar de advocaat wordt gestuurd, of naar de erven als deze bekend zijn.