Beleidsbundel

Z160 Schadevergoeding na voorlopige hechtenis

Zaakcode: Z160 - 5 punten
Trefwoorden: Bijstand aan niet-verdachtenAanvragen
Nummer: RvR4.3.2.9
Versie 4.0
Laatst gewijzigd:

Doel

Deze beleidsregel bevat het beleid over de aanvraag van een toevoeging voor schadevergoeding na voorlopige hechtenis.

Kader

De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).

Specialisatie

Voor deze zaken geldt het specialisatievereiste strafrecht.

Voor uitzonderingen zie beleidsregel 3.3 Specialisatie advocaat/niet ingeschreven advocaat met bijlage.

Gebruikersinstructie: Als de rechtsbijstandverlener niet als specialist is ingeschreven wijs je de aanvraag af met tekstcode 182 (geen specialisatie).

Is rechtzoekende minderjarig, dan moet de rechtsbijstandverlener als jeugdstrafrechtspecialist zijn ingeschreven.

Beleidsregel

Algemeen

De Raad verstrekt een toevoeging voor een verzoek tot schadevergoeding wegens ten onrechte ondergane inverzekeringstelling/voorlopige hechtenis op grond van artikel 533 Sv als het financieel belang voldoende is.

Verzoek vergoeding proceskosten door gewezen verdachte (art. 530 Sv)

Voor het verzoek tot vergoeding van de proceskosten o.g.v. artikel 530 Svvoegt de Raad alleen toe, als er geen toevoeging voor de strafzaak is verstrekt en het financieel belang voldoende is.

Financieel belang

Als uit de aanvraag blijkt dat rechtzoekende een financiële vergoeding wenst voor 5 dagen of meer ondergane inverzekeringstelling / voorlopige hechtenis, dan neemt de Raad aan dat het financieel belang voldoende is.

Gebruikersinstructie: Als voor de strafzaak wel een toevoeging is verstrekt, wijs je de aanvraag voor het verzoek vergoeding proceskosten af. Dit geldt ook bij beklag-niet-vervolging (art. 12 Sv). Je wijst de aanvraag ook af als de toevoeging voor de strafzaak al is ingetrokken met één van de volgende teksten.

Bij een toevoeging voor de strafzaak:

"U heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in de advocaatkosten bij een verzoek om vergoeding van de proceskosten op grond van artikel 530 Strafvordering. De Raad wijst uw aanvraag af, omdat u de proceskosten in deze zaak al volledig vergoed krijgt op basis van toevoeging [GRASNUMMER]. (artikel 44a Wet op de rechtsbijstand)”

Als de toevoeging voor de strafzaak is ingetrokken:

“U heeft een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in de advocaatkosten bij een verzoek om vergoeding van de proceskosten op grond van artikel 530 Strafvordering. De Raad wijst uw aanvraag af, omdat u de proceskosten in deze zaak al vergoed zou krijgen op basis van toevoeging [GRASNUMMER]. Dat u deze toevoeging heeft laten intrekken is voor de beslissing niet relevant, de keuze op welke wijze u de proceskosten wilt laten vergoeden maakt u aan het begin van de zaak. (artikel 44a Wet op de rechtsbijstand)”

Geen eigen bijdrage

Als de draagkracht van rechtzoekende binnen de financiële grenzen valt, verstrekt de Raad de toevoeging zonder een eigen bijdrage op te leggen.

Toelichting: Zie beleidsregel Geen eigen bijdrage.

Andere relevante beleidsregels

Verzoek schadevergoeding na onrechtmatige vreemdelingenbewaring

Zie beleidsregel Z140 .

Kosten rechtsbijstand bij schadevergoeding

Zie beleidsregel Art. 32 Bvr.

Bereik

Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.

Op deze pagina