Beleidsbundel

Uitkering vervolging – oorlogsslachtoffers

Zaakcode: C020 - 15 punten
Trefwoorden: Sociale zekerheidsrechtAanvragen
Nummer: RvR4.2.2.3
Versie 4.0
Laatst gewijzigd:

Doel

Deze beleidsregel bevat het beleid over aanvragen van een toevoeging op het gebied van voorzieningen voor oorlogsslachtoffers.

Kader

Algemene wet bestuursrecht (Awb)

De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).

Specialisatie

Voor deze zaken geldt het specialisatievereiste Sociaal zekerheidsrecht.

Voor uitzonderingen zie beleidsregel 3.3 Specialisatie advocaat/niet ingeschreven advocaat met bijlage.

Gebruikersinstructie: Als de rechtsbijstandverlener niet als specialist is ingeschreven wijs je de aanvraag af met tekstcode 182 (geen specialisatie).

Beleidsregel

Algemeen

De Raad kan een toevoeging verstrekken voor het geschil over een sociale voorziening die ziet op oorlogsslachtoffers, zie de beleidsregels in hoofdstuk 3.

Toelichting: De zaakcode C020 wordt gebruikt voor geschillen die voortvloeien uit:

  • Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (Wuv);
  • Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo);
  • Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 (Wbp);
  • Wet buitengewoon pensioen zeelieden-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wbpzo);
  • Wet buitengewoon pensioen Indisch verzet (Wiv);
  • Algemene Oorlogsongevallenregeling Indonesië.

Aanvraag uitkering (nee, tenzij)

De Raad beoordeelt dat voor het indienen van een aanvraag een eenvoudig rechtsprobleem is dat, al dan niet met hulp, door rechtzoekende zelf kan worden afgehandeld.

Toelichting: Rechtzoekende kan hierbij hulp krijgen van onder meer het Juridisch Loket, maatschappelijk werk of sociaal raadslieden.

Gebruikersinstructie: De toevoegingsaanvraag wijs je af met tekstcode 130 (zelfredzaamheid).

Uitzondering

De Raad kan toevoegen als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.

De aanvrager moet motiveren dat sprake is van een uitzonderingssituatie. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘Maatwerk’. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.

Voorbeelden van procedure-instanties

Het geschil kan in meerdere rechtsgangen plaatsvinden:

  • Bezwaar bij de betrokken overheidsinstelling;
  • Beroep bij de rechtbank;
  • Hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB);
  • Voorlopige voorziening.

Bezwaar, voorlopige voorziening, beroep en hoger beroep (ja, tenzij)

De Raad beoordeelt dat het indienen van een bezwaar, voorlopige voorziening, beroep of hoger beroep tegen een primair besluit van een bestuursorgaan niet eenvoudig is. De Raad kan toevoegen, tenzij sprake is van een eenvoudig rechtsprobleem, onvoldoende (financieel) belang of geen rechtstreeks en individueel belang (art. 1 Wrb).

Toelichting: In beginsel wordt voor deze rechtsgangen door de Raad toegevoegd. Er kan sprake zijn van een eenvoudig rechtsprobleem omdat de gronden van feitelijke aard zijn.

Bereik

Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.

Op deze pagina