Beleidsbundel
Wet werk en bijstand (Participatiewet)
Doel
Deze beleidsregel bevat het beleid over aanvragen van een toevoeging op het gebied van de Wet werk en bijstand/Participatiewet.
Kader
Algemene wet bestuursrecht (Awb)
De aanvraag dient op alle inhoudelijke en financiële gronden beoordeeld te worden zoals genoemd in de beleidsregels financiële beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 2) en inhoudelijke beoordeling aanvraag toevoeging (hoofdstuk 3).
Specialisatie
Voor deze zaken geldt het specialisatievereiste Sociaal zekerheidsrecht.
Voor uitzonderingen zie beleidsregel 3.3 Specialisatie advocaat/niet ingeschreven advocaat met bijlage.
Gebruikersinstructie: Als de rechtsbijstandverlener niet als specialist is ingeschreven wijs je aanvraag af met tekstcode 182 (geen specialisatie).
Beleidsregel
Algemeen
De Raad kan een toevoeging verstrekken voor een geschil met een gemeente over een uitkering op grond van de Participatiewet.
Aanvraag, klacht, (herzienings)verzoek, zienswijze (nee, tenzij)
De Raad beoordeelt het indienen van een bestuursrechtelijk (herzienings)verzoek, klacht of aanvraag, als een eenvoudig rechtsprobleem. Rechtzoekende kan dit rechtsprobleem, al dan niet met hulp, zelf afhandelen.
Onverwijlde bijstand, artikel 81 Participatiewet (nee, tenzij)
Het gaat hier om een verzoek tot het verlenen van bijstand bij wijze van voorlopige voorziening, gericht aan de voorzitter van Gedeputeerde Staten. De Raad beoordeelt dit verzoek als een rechtsprobleem waarvoor de bijstand van een advocaat niet noodzakelijk is.
Toelichting: Rechtzoekende kan hierbij hulp krijgen van onder meer het Juridisch Loket, maatschappelijk werk of sociaal raadslieden.
Gebruikersinstructie: De toevoegingsaanvraag wijs je af met tekstcode 130 (zelfredzaamheid).
Uitzondering
De Raad kan toevoegen als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.
Toelichting: De aanvrager zal moeten motiveren dat hiervan sprake is. De aanvrager zal moeten motiveren dat hiervan sprake is. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘eenvoudige’ zaken. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.
Voorbeelden van procedure-instanties
Het geschil kan in meerdere rechtsgangen plaatsvinden:
- Bezwaar bij de gemeente;
- Beroep bij de rechtbank;
- Hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep (CRvB);
- Een voorlopige voorziening.
Bezwaar (ja, tenzij)
De Raad beoordeelt dat het indienen van een bezwaarschrift niet eenvoudig is en kan hiervoor toevoegen. Het opkomen tegen het besluit waarbij de aanvraag bijstandsuitkering is afgewezen, buiten behandeling is gesteld of geschorst omdat rechtzoekende niet de gevraagde stukken/informatie heeft verstrekt, beoordeelt de Raad als een eenvoudig rechtsprobleem.
Uitzondering
De Raad kan toevoegen als er sprake is van feitelijke of juridische ingewikkeldheid of van zwaarwegende omstandigheden.
De aanvrager zal moeten motiveren dat hiervan sprake is. Zie daarvoor ook beleidsregel 3.7 onder ‘eenvoudige’ zaken. De Raad beoordeelt dan van geval tot geval of hiervan sprake is.
De intrekking van een uitkering wordt altijd gezien als een zwaarwegend belang
Voorlopige voorziening, Beroep en hoger beroep (ja, tenzij)
De Raad beoordeelt dat bij beroep, vovo of hoger beroep tegen een primair besluit van een bestuursorgaan niet eenvoudig is. De Raad kan toevoegen, tenzij sprake is van een eenvoudig rechtsprobleem, onvoldoende (financieel) belang of geen rechtstreeks en individueel belang (art. 1 Wrb).
Toelichting: In beginsel wordt voor deze rechtsgangen door de Raad toegevoegd. Er kan sprake zijn van een eenvoudig rechtsprobleem omdat de gronden van feitelijke aard zijn.
Bereik
Werkzaamheden kunnen onder het bereik van een eerder verstrekte toevoeging vallen. De Raad verstrekt in dat geval geen afzonderlijke toevoeging. Het beleid is beschreven in de beleidsregel Bereik.
Toelichting:
Voorbeelden bereik
1. Hetzelfde rechtsbelang, geen diversiteit van instanties
Bezwaar tegen de schorsing en bezwaar tegen de beëindiging van de uitkering betreft hetzelfde rechtsbelang: voortzetting van de uitkering in de toekomst.
2. Hetzelfde rechtsbelang, geen diversiteit van instanties
Bezwaar tegen de intrekking, bezwaar tegen de terugvordering en bezwaar tegen de brutering van de uitkering betreft hetzelfde rechtsbelang: recht op uitkering in het verleden.
3. Hetzelfde rechtsbelang, geen diversiteit van instanties
Bezwaar tegen de terugvordering van het voorschot en bezwaar tegen de afwijzing van de uitkering betreft hetzelfde rechtsbelang: recht op uitkering in de toekomst. NB. Dit staat los van de inhoudelijke toets op toevoegwaardigheid.
4. Ander rechtsbelang, geen diversiteit van instanties
Een eventuele boete die wordt opgelegd naast bovenstaande besluiten is een afzonderlijk rechtsbelang.
Relevante jurisprudentie
Afwijzing aanvraag wegens niet aanleveren alle gevraagde stukken:
ABRvS 10 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:448
Bezwaar opschorting uitkering schending informatieplicht:
ABRvS 16 augustus 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2176
Beroepsprocedures over een besluit inzake afwijzing aanvraag en een besluit buiten behandelingstelling aanvraag:
ABRvS 31 januari 2024, ECLI:NL:RVS:2024:355
Hoger beroepsprocedures over een besluit buiten behandelingstelling aanvraag en een besluit opschorting en intrekking uitkering:
ABRvS 8 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:26
Bezwaarprocedures over een besluit tot verkrijging ontheffing arbeidsverplichtingen en een besluit tot intrekking ontheffing arbeidsverplichtingen:
ABRvS 21 februari 2018, ECLI:NL:RVS:2018:563